Lady Lavender on tour: Een chocomouske als dessert en 3 Cols Mazan – Malaucène – Suzette – Caromb – Mazan

20191004_130014_00004402745058771332356.png

Goed bekomen van de reis naar Mazan toe besloten Roosje en ik om een tochtje te doen. Roosje maakte een route aan en deelde die met mij op Garmin Connect.

strava7060844533509331614587290576375052791.jpg

We reden van Mazan naar Malaucène om via Suzette en Caromb (Carùn) terug naar Mazan te rijden.

wp-15671898400156172148056581887029.jpg

Het was een mooie warme dag.

Deze tocht hadden we vorig jaar ook al deels gereden. Deze keer reden we de tocht in tegenovergestelde richting. Er waren veel herkenningspunten wat het extra leuk maakte omdat je dan wist hoever je al zat.

Het viel mij op hoe anders het landschap was deze tijd van het jaar. Je rook de geur van gedroogd gras. Er waren weinig bloemen en je hoorde amper een cigalle.

Ik zag een blauwe ekster. Jammer genoeg was het te ver om er een foto van te nemen.

We reden Col de la Madeleine Alt. 448 op. De afdaling ging al iets vlotter dan vorig jaar. Oefening baart kunst zoals men zegt… en die opgespannen billen bleven achterwege.

wp-15671898410751787728606175553731.jpg

In Malaucène stopten we om iets te drinken. Twee frisse Pespi Max om wat af te koelen.

Vandaar reden we via col de la Chaine Alt. 472m richting Suzette. Op deze weg konden we genieten van het prachtige uitzicht van Les dentelles de Montmirail. Ook dit blijft adembenemend mooi.

Intussen was het middaguur reeds lang voorbij en kregen we een hongerke…

We stopten in Auberge de Suzette waar we vorig jaar ook al eens waren. Goedkope maaltijd maar je kan er niet met kaart betalen.

Het was blijkbaar zo warm geweest dat de druiven verdroogd van de tros op de grond gevallen waren. Roosje deed de fietsen op slot waarna we ons naar een tafeltje begaven.

Daar gingen we gezond doen en bestelden we de zalm met frieten. Het zag er superlekker uit maar mijn zalm was nog zo goed als rauw vanbinnen. En dan vloek je in stilte omdat je eerst van zin was om pasta te eten … Ik lust sushi maar in de hitte vertrouwde ik het zaakje niet. Bij Roosje viel het beter mee… Ik at mijn frieten en warme tomaat op samen met de zalm die aan de randen een beetje gaar was. Als energiebom at ik een chocomousse. Ja, ik weet het … Ik wou niet vreemd gaan want ik had mij voorgenomen om enkel en alleen maar ijs van bij Glacier du Mont Ventoux te eten.

We namen nog een foto aan het bord van col de Suzette Alt. 392 en reden verder. Deze keer niet rechtdoor maar langsheen de auberge naar beneden. Een afdaling die toch wel een serieus billenknijpertje was. De beloning kwam daarna… samen met nog eens steile afdaling die ik te voet naar beneden gestapt ben.

Het landschap was prachtig. We waren er beiden van overtuigd dat je op die plaats ook duizenden sterren kon zien. Er was daar ook zo goed als geen verkeer.

In Le Barroux nam ik nog een foto van Le château du Barroux. We reden door een prachtige dreef. De Mont Ventoux zie je in de verte liggen

Eens Caromb voorbij was het niet ver meer naar de camping.

We dronken er nog een Heineken (yuk) om de dorst wat te lessen en gingen daarna nog wat zonnen aan het zwembad.

Die avond werden we op een mooie zonsondergang getrakteerd. We namen afscheid van de buren uit Hamme.

Die avond zag ik een deel van de Melkweg… een mooie afsluiter van een mooie winderige dag.

Rue du Chemin de POUPOU

wp-15594598186847295271882029989425.jpg

Onze eerste rit samen in de mooie streek van verliep langs “La Voie Verte” in Haut Languedoc.

Roosje verkoos deze route omdat die van de dag ervoor veel te zwaar zou zijn voor mij. Bijkomstig stuurde hij mij tijdens zijn rit foto van onderstaande schoonheid door…

Na het oversteken van de grote baan aan de camping “Les Cérisiers de Faux” in Saint-Pons-de-Thomières reden we naar rechts de oude spoorweglijn op. Dit pad die door het regionale natuurpark van Haut Languedoc loopt is zo’n 80 km lang en aangelegd voor wandelaars, joggers en fietsers. Op dit pad kan je meer te weten komen over de geschiedenis van de streek, momumenten, natuur en de lokale producten. Het zand en steentjes knarsten onder de rubber van onze wielen. Roosje zei dat het op de “Strade Bianchi” leek alleen dat het vlakker is.

Als je hier wil doorfietsen ben je er aan voor de moeite. Het Scheldepeloton moet hier niet komen. Ze zouden overgefrustreerd naar België terugkeren. De maximum toegelaten snelheid is ongeveer 20 km/u. Net zoals het fietspad in Oudenaarde moet je hier en daar een weg oversteken via een sluis.

wp-15594598188576856960518991360309.jpg

Na een aantal minuten gereden te hebben besloten we dat het toch veiliger zou zijn om zonder zonnebril te rijden. Het fietspad is omring door bomen en struiken waardoor je door de schaduw heel moeilijk de staat van het wegdek zag.

De hitte van de zon op onze huid werd afgewisseld door de koelte van de struiken.

We zagen en reden over menig bruggen en fietsten door zalige, koele tunnels waar het licht automatisch aansprong van zodra je er in reed. Die tunnels waren telkens iets om naar uit te kijken. Je zweetdruppels werden daar omgevormd tot kleine ijsblokjes die de huid verfristen.

Deze diashow vereist JavaScript.

Het ene prachtige landschap volgde het andere op.

Onder elke brug of brugje hoorde je de rivier stromen of beekje kabbelen.

We kwamen kerkjes en gerestaureerde of vervallen treinhuisjes tegen.

Mooie bloemen zagen we ook hier en daar en ik stopte telkens om een foto te nemen. Dit is ook één van de redenen dat de rit telkens zo lang duurt.

Fietsen vergt inspanning waardoor je een hongerke krijgt. Eerst verhoogde Roosje “Macgyver” mijn zadel nog enkele milimeters. 2 om exact te zijn.

wp-15594598193366571174288455951956.jpg

In Le-Poujol-sur-Orb gingen we op zoek naar een plaats om iets te eten. Om te zien waar we ons juist bevonden maakten we handig gebruik van de stadskaart. Daar vielen mijn ogen op de straat met de leuke benaming. We zijn ze niet gaan zoeken.

wp-15594598193872428372120739430394.jpg

Een kirr met violettesiroop, een plaatselijk bier voor Roosje en onze lunch bestaande uit kabeljauw met prei, wortel en asperge?, safraanmayonnaise en rijst met geconfijte citroen later beslisten we dat we niet meer verder gingen door rijden. We zaten toen al aan 30 km, het was broeierig heet en we moesten via hetzelfde pad terug waar er nog een paar venijnige klimmetjes in zaten.

De terugtocht was zwaarder dan verwacht. De beperkte asfaltstroken gaven enorm veel hitte af, de zon was iets te hevig en bijkomstig bleek mijn voorwiel weer te lekken.

Onze poep deed pijn en om één of andere reden kreeg ik telkens opnieuw enorm veel pijn in de onderkant van mijn rechtervoet ter hoogte van mijn tenen. Uitgeklikt en met losse koersschoenen ben ik verder gereden. Elke meter aftellend tot ik aan de camping was. Wat zou ik op dat ogenblik zo graag de boze heks uit “Once upon a time …” geweest zijn die zich met een gracieus handgebaar kon toveren naar de camping. Ik heb het stiekem geprobeerd maar nope. “Gij zult fietsen tot het BITTERE einde”.

Eens toegekomen op de camping heb ik mij fietsschoenen uitgedaan en ben ik op blote voeten verder gaan lopen.

We hebben eerst nog wat vocht opgeslagen om vervolgens naar het zwembad te strompelen. Daar hebben we 2 ligstoelen gevonden onder een mooie parasol. Een frisse duik in het zwembad deed wonderen.

Een klein tochtje om er in te komen …

De eerste rit van 2019 is een feit en sneller dan voorzien. Niet zoveel foto’s genomen omdat ik er tegen op zag om mijn handschoenen telkens uit en aan te doen.

Bij elke dag met zonneschijn begon het te kriebelen om met Lady Lavender een tochtje te maken. Stoorzenders zorgden er voor dat dit niet kon gebeuren.

Zondagochtend had ik weer zo een moment. De zon scheen wel niet maar het was droog. Ik wou mijn hoofd eens goed leegmaken van alle zorgen en muizenissen.   Na mijn boodschap bij Creasis, waar het solden was, kwam ik thuis en vroeg ik aan Roosje om een tochtje te doen via het fietspad in onze grote achtertuin.  20 km om te starten met voor mij het oog om zo verder op te bouwen.

Mooi plan om te beginnen. Roosje wou eerst op zijn rollen rijden maar ging toch op mijn vraag in.  In zijn gps zat een mooi tochtje met weinig kasseien.

Het was behoorlijk grijs en mistig buiten maar het was niet koud.

Via de Onderbos en de grotte van Melden reden we links het fietspad op om van daar dan richting Koppenberg te rijden. De Koppenberg hebben we “links” laten liggen en was nu de enige berg die we niet gedaan hebben.  De Rotelenberg wel. Vandaar ging de weg richting Kortekeer naar Maarkedal.  Daar was de onderbossenaar met bovenaan de Onderbossenaarmolen.  Er stond daar ook een richtingaanwijzer “Het genot op den berg”.

20190106_1401001933705725859030717.jpg

Vandaar richting Schorisse. Langs het Hof van Ijs dat gesloten is.  Dju toch. Ik al doodblij want in Schorisse is ook de Amberhoeve waar je gezellig een heerlijke tas chocomelk met iets bij kan nuttigen.

We reden de straat voorbij (diepe zucht) om de volgende straat rechts te nemen. De Amberhoeve zag ik in de verte liggen. Smachtend naar een Ginger beer lemonade reden we richting Zegelsem.  Hier dacht ik dat we richting Oudenaarde gingen terugrijden.  Dat was niet het plan.  Roosje had een korte duurrit voorzien. Eéntje die Roosje regelmatig als training doet. En trainen zouden we.

Een korte rit van kasseien als uitloper van de Haaghoek. Kasseien zijn dus echt niet mijn ding.  Nu weet ik waar de term “flubberarmen” vandaan komt.  Ik heb het aan de lijve ondervonden.  Er is nog veel werk om deze opnieuw gestroomlijnd te krijgen. Dat is een zekerheid.  Maar aangezien ik geen voornemens heb op dit vlak zien we wel hoe die in de toekomst zullen verdwijnen.

Vandaar richtig Leberg.  Om via Michelbeke de Berendries te beklimmen. Van Brakel naar de Valkenberg waar ik volgens de “legende” verwekt zou zijn. Back to my roots dus.

Terug naar Brakel gefietst voor de Ten Bosse, Elverenberg, van Vossenhol naar Sint-Maria-Oudenhove via de Boembekemolen naar Rozebekeplein te fietsen. Dan de Rekelberg, Heuvelgem, Sint-Maria-Horebeke, Mater, Kerzelare, Edelare en tot slot naar Leupegem.

In Kerzelare maakte ik mij de bedenking of ze daar ook fietsen wijden in mei…  Als je het koud hebt krijg je van die rare gedachtekronkels.

Daarvoor, op zo een twintig km van huis begon ik het toch wel erg koud te krijgen zonder van de honger te spreken. In al mijn enthousiasme had ik geen lunch gegeten. Mijn aardbeisuikersnoep voor “extra” energie had ik niet gedoseerd maar gewoon in 1 keer opgegeten.  Een half uurtje later had ik weer honger.  Dan heb ik nog een kwart banaanenergiereep gegeten.  Tegen dan was er ook meer dan nood aan een sanitaire stop en aangezien het struikgewas rond deze tijd van het jaar zonder bladeren is voorzien was het op de tanden bijten tot thuis.  Het deed mij eventjes aan de afdaling van de Ventoux denken.  Daar zou ik ook wel wachten tot ik beneden was …  De langste 20 km van mijn leven.  It all came back to me.

Eens de Edelareberg beneden werd er getwijfeld of we nog richting Peletoncafé zouden rijden om er een “warme” choco te drinken. Het “waterpeil” stond echter al veel te hoog met kans op ongecontroleerde overstroming.  Omdat er geen zekerheid was dat het Peletoncafé open zou zijn wou ik hier echt geen risico nemen.  We zijn dan toch maar huiswaarts gekeerd. Op de teller stond er iets meer dan 60 km.  Verkleumd maar toch blij dat we “dit” tochtje gedaan hadden. Elk op zijn manier.

Nadat ik met mijn ijsblokjes van voeten veilig ut de klikpedalen van mijn fiets was geraakt heb ik eerst nog een dikke 15 minuten aan het sukkelen geweest om mijn handschoenen uit te krijgen. de sleutel uit mijn rugzakje van mijn jas te peuteren, deze in het slot te steken, mijn camelback los te maken, een poging te ondernemen om mijn bovenvest uit te krijgen, ondertussen de kat te aaien die superblij was mij te zien om zo met koersschoenen met overtrek nog aan verder te strompelen naar de “kleinste” kamer.  De lastigste laatste meters voor een gelukzalig moment.

Daarna hebben we ons een warm drankje klaargemaakt en uitgedronken gevolgd door een hete douche die de ijskoude ledematen opnieuw deden ontdooien. Het was de bedoeling dat ik nog eten zou klaarmaken maar we hebben dan uiteindelijk besloten om een “Van der poelke” te doen en onze menig verbrande calorieën opnieuw aan te vullen met een goed pak friet uit de beste frituur van Oudenaarde “Frituur en eethuis de Meersbloem”.  Dat het heeft gesmaakt moet ik er niet bij vertellen.

De avond was snel om want we we waren moe en zijn in bed gekropen. De nacht was veel te kort en de wekker was allesbehalve een aangenaam geluid.  Ook Biloute was er niet over te spreken.  Wat duren weekends toch veel te kort when you are having fun.